De door het NOVA gehanteerde accreditatiekaders zijn in januari 2013 goedgekeurd door de Minister van Onderwijs, Wetenschappen en Cultuur. Er bestaan drie verschillende accreditatiekaders, namelijk:
Afhankelijk van de aanvraag die hoger onderwijsinstellingen willen doen, zal er een keus gemaakt moeten worden uit bovengenoemde kaders. De accreditatiekaders geven aan, aan welke kwaliteitseisen een opleiding moet voldoen.
De formats zijn de blauwdrukken voor het samenstellen van het zelfevaluatierapport of toetsingsrapport, die de instelling moet maken van haar opleiding. Deze formats corresponderen met de desbetreffende accreditatiekaders.
Accreditatie is het bewijs dat de kwaliteit van een opleiding is onderzocht en beoordeeld door onafhankelijke deskundigen.Als alles goed bevonden is, wordt er een positief accreditatiebesluit genomen door de accreditatieraad.
Nationaal Orgaan voor Accreditatie.
Wet van 22 mei 2007, houdende instelling van het Nationaal Orgaan voor Accreditatie en een Centraal Register van Opleidingen.
Toets nieuwe opleiding.
Een systeem om de studielast van iedere opleiding en iedere onderwijseenheid uit te drukken. Dit systeem kent een:
Nationaal Orgaan voor Accreditatie. NOVA bestaat uit een accreditatieraad en een accreditatiebureau.
De accreditatieraad bestaat uit negen leden, minimaal vijf en maximaal negen, onder wie een voorzitter. De Raad is belast met taken en bevoegdheden zoals bedoeld in artikel 4 van Wet NOVA.
Het accreditatiebureau is belast met de administratieve- en organisatorische werkzaamheden van het NOVA.
Een organisatie met een structuur voor het administreren, verzorgen en aanbieden van één of meerdere onderwijsopleidingen, die moeten leiden tot het toekennen van een graad, diploma en/of certificaat. |
In Suriname zijn er momenteel 7 (zeven) openbare hoger onderwijsinstellingen met name de Anton de Kom Universiteit van Suriname, het Polytechnische College, het Instituut van Opleiding van Leraren, COVAB, de AHKCO en de Jeugd Tandverzorging, LOBO.
Elke instelling die niet door de overheid wordt gesubsidieerd.
Het wetenschappelijk onderwijs en het hoger beroepsgericht onderwijs aangeboden door de overheid en private instellingen.
Een samenhangend geheel van onderwijseenheden, gericht op de verwezenlijking van welomschreven doelstellingen op het gebied van kennis, inzicht en vaardigheden; een opleiding kan één of meer afstudeerrichtingen bevatten; een onderwijseenheid is een geheel van activiteiten van de student dat deel uitmaakt van een opleiding, waaraan een examen verbonden is.
Het keurmerk aan een opleiding op basis van een door de accreditatieraad verleend besluit dat tot uitdrukking brengt dat de kwaliteit van de opleiding positief is beoordeeld.
Een analyse door leden van de opleiding, over de bekwaamheden bij en de effectiviteit van de opleiding, neergelegd in een rapport.
De kwaliteitseisen waaraan een opleiding moet voldoen, zoals bedoeld in artikel 12 Wet NOVA.
Een door het NOVA samengestelde commissie bestaande uit onafhankelijke deskundigen.
Gepubliceerde externe beoordeling van de opleiding.
De toets die tot uitdrukking brengt dat de kwaliteit van een nieuwe geregistreerde opleiding positief of negatief is beoordeeld.
De kwaliteitseisen waaraan een nieuwe opleiding moet voldoen, zoals bedoeld in artikelen 12 en 13 Wet NOVA.
De toets die tot uitdrukking brengt dat de kwaliteit van een bestaande geregistreerde opleiding positief of negatief is beoordeeld.
Een opleiding die voornemens is met het bachelors- of masters onderwijsprogramma te gaan starten ofwel een opleiding die 1 jaar is gestart en nog geen afgestudeerden heeft.
Opleidingen die langer bestaan en over alumni beschikken.
Accreditatie verleend door een ander accreditatieorgaan of beroepsorganisatie dan NOVA.
De studielast van elke onderwijseenheid wordt door het instellingsbestuur uitgedrukt in studiepunten. De studielast voor een studiejaar bedraagt 60 studiepunten. Zestig studiepunten is gelijk aan 1680 klokuren studie.